• reisdag
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
  • 11
  • 12
  • 13
  • 14
  • 15
  • 16
  • 17
  • 18
  • 19
  • 20
  • 21
  • 22
  • 23
  • 24
  • 25
  • 26
  • 27
  • 28
  • Home
  • Reisroute
  • Dierenwereld
  • Vogels
  • Contact









Dag 20, Mopani.

De dag begint als vanouds en nog voor 7 uur zijn we allebei wakker waarna alle standaard handelingen, zoals wassen, aankleden, ontbijten en koffie drinken volgen. Om brood voor tussen de middag klaar te kunnen maken moet er eerst nog even naar de shop gelopen worden waar meteen weer de nodige water gekocht wordt. Ondanks alles kunnen we toch iets na half 9 de poort van Mopani uitrijden.

Als eerste gaan we even kort langs de kijkhut en rijden dan de weg, de S142, verder. Het is een 40 kilometer lange onverharde weg genaamd de Shongololo Loop. We zien vrijwel niets en het wordt een hele saaie rit. Alleen in de buurt van water is er wat leven. Vandaar dat we de plannen aanpassen en langs de S50 juist het water gaan opzoeken. En ja hoor, hier zien we weer hele leuke en mooie dingen.


Als we dan weer in de buurt van Mopani komen besluiten we om naar het Mpofeni uitzichtpunt bij de Stapelkop waterplas te gaan. Om daar te komen moet je de S146, een 16 kilometer lange zandweg afrijden tot het eind en dan weer dezelfde afstand terug. Na 6 kilometer rijden blijkt dit ook weer een saaie rit te worden en besluiten we om terug te gaan. De natuur heeft vandaag een hele rustige dag. Op de terugweg passeren we weer de Shipandani kijkhut en voor we het in de gaten hebben zitten we er meer dan een uur. Geweldig wat we allemaal zien. Leuke vogels, parende nijlpaarden, 2 olifanten die vlak voor de hut langslopen en de struiken vernielen maar ook 2 vechtende Monitor lizzards. De laatste uurtjes van de dag blijken bij water toch de meest ideale uurtjes te zijn.


Als het een beetje begint te schemeren wordt het toch tijd dat we terug gaan naar onze overnachtingsplek. Het is maar een paar kilometer van de hut af naar Mopani, maar te laat binnen zijn willen we voorkomen.
Eenmaal terug nemen we wat te drinken, terwijl brutale roodkeel frankolijnen, een soort patrijs, om ons heen lopen in de hoop wat te eten te krijgen. Na de onmisbare douche lopen we om 7 uur naar het restaurant waar we lekker buiten op het terras kunnen zitten. Wij vinden het lekker weer, maar de bediening loopt allemaal met een dikke jas aan en eentje heeft zelfs een muts op. Veel licht hebben we niet op tafel en als we op verzoek een kaars krijgen wordt het nog een beetje een romantisch etentje ook. Mooier kun je de dag toch niet afsluiten?





copyright: 2024 - www.gradstaat.nl